
¨ Marche Funèbre
De dood is een belangrijk thema in het volkspoppentheater. Rouw en treurnis
zijn er echter niet bij. Het lijkt eerder alsof door het opvoeren van de Dood de lust
in het leven extra wordt benadrukt.
¨ Hemel, o Heer, help, ik ben dood!
De Dood is een veelvoorkomende figuur in het
Europese volkspoppenspel en heeft,
afhankelijk van de plaatselijke traditie, verschillende gedaantes.
Hemel, o Heer, help, ik ben dood!
Dit zijn kreten die Punch (de Engelse
Jan Klaassen) slaakt als hij zielloos
op de speelplank ligt.
¨ Pierrot en de dodenmars
De hoofdmelodie uit de Marche Funèbre
van de componist Charles Gounod (1818-1893) wordt steevast gezongen in
de poppenkast als de kist ter aarde wordt gedragen. Van deze mars zijn diverse albums uitgekomen,
zoals een negentiende-eeuwse publicatie met fraaie gravures.
Op de omslag is een treurende Pierrot te zien; op de eerste bladzijde
een marionettentheater: Théâtre Séraphin. Séraphin (1747-1800) had
een beroemd schimmen- en poppentheater in het Palais Royal te Parijs.
¨ Het leven en sterven van Colombine
De tekst beschrijft het leven en sterven van Colombine.
Ze danst zo licht dat haar voetjes de planken nauwelijks raken.
Haar touwtjes breken en ze zakt ineen. Haar verloofde Harlekijn,
zijn vriend Polichinelle en vele anderen zijn ontzet. Pierrots tranen
laten groeven na in zijn witgeschminkte gezicht.
Het is de schuld van de zuinige poppenbaas, die oud touw gebruikte.
Ze besluiten hun vriendin in een lijkkoets naar haar laatste rustplaats
te brengen. Harlekijn is zo verdrietig dat hij nauwelijks kan lopen.
Door smart bevangen krijgen de rouwenden een droge keel, ze gaan naar de kroeg en verjagen de lijkdragers.
Harlekijn drukt in doodse stilte een heidebloempje tegen zijn hart: een liefdevolle herinnering.
Poppenspe(e)lmuseum. Kerkweg 38, 8193 KL Vorchten NL ( +31(0)578 - 63 13 29